Blog

Psychologie en Rode Duivels

Gepost op on 2 jun 2016 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Oud en dement

Was het Ernst Happel die ooit verklaarde dat men  oud en seniel moet zijn om bondscoach te worden?

Hoe begrijpen we de psychologie van een succesvol nationaal trainer? Een leuke denkoefening die wellicht  te laat komt voor onze Rode Duivels. Onmogelijk om met deze defensie een nederlaag te vermijden tegen de Azzuri en Ibra.

Psychologie en de Rode Duivels

Finland scoort tegen de Rode Duivels

Spelersselectie: kader

Een nationaal voetbalteam samenstellen is een oersimpele aangelegenheid. Scouting van de spelers in hun club is daarom een leuk maar overbodig tijdverdrijf. Een uitstap naar het buitenland om de vedetten aan het werk te zien is niet nodig. Men hoeft zich geen limousine met privéchauffeur te huren om zich van het treinstation/vliegveld naar het stadion te brengen.

Analyse

Een stapel kranten en tijdschriften, een sportabonnement op enkele tv-zenders en een radio volstaan. Toch gebeurt het.  Bondscoaches floreren graag tussen de groten der voetbalaarde, op WE-trip naar Londen of Madrid. Betaald voetbal noemt men dat in Nederland.

Origi

Als bondscoach nieuwe talenten aantrekken of laten ontdekken, genre Origi, is mooi meegenomen voor het imago van de nationale voetbaltrainer en is risicoloos. In het beste geval maken ze een goede invalbeurt. Maar dat hoeft niet per se. Een nationaal trainer selecteert gevestigde waarden uit dure clubs, in de beste competities, en laat die bij de Rode Duivels op dezelfde positie spelen als in hun eigen ploeg.

Deze topspelers worden aangevuld met mindere goden uit de vaderlandse competitie of met waterdragers die de coach nog kent van bij vorige clubs. Daarover kan men dan oeverloos discussiëren in praatprogramma’s, of er de dag nadien sportbladzijden mee vullen.

De bondscoach als expert

Een bondscoach is bijna altijd een oud-speler. Hij kent het voetbal, hij weet dat enkele toppers  voldoende zijn om een nationale ploeg te doen draaien en om er de tactiek te bepalen, zonder dat hij daar zelf veel hoeft voor te doen. Techniek, conditie en tactiek krijgt elke speler in zijn club.

Automatismen

Enkel de automatismen dienen aangescherpt. Door telkens weer in elke (oefen-) wedstrijd dezelfde spelers voor zijn ploeg te kiezen. Verder beperkt de bondscoach zich best tot het vinden van excuses als het misgaat, zoals ‘we kregen 17 kansen maar soms wil de bal er niet in’ , ‘wat er precies gebeurde bij die tegengoal moet ik nog bestuderen, ik stond te veraf’, of  ‘de spelers waren vermoeid door de stevige trainingen’.

Psychologie

De allerbelangrijkste psychologische eigenschap van  een nationale coach is dat hij rustig, zelfzeker en onbewogen is. De allerslechtste eigenschap is dat hij probeert rust, zelfzekerheid en onbewogenheid uit te stralen.  Dat maakt vaak dat topspelers al dan niet renderen in een nationaal team.

Zes weken op een kluitje in Frankrijk

Zonder enige twijfel is een tornooi dé lakmoesproef voor een bondscoach. Hoe bewaart Wilmots de rust in zijn ploeg gedurende zes lange weken bij 23 jonge mannen met een hoog testosterongehalte, die gamen als voornaamste tijdverdrijf hebben?

Garantie op succes

Guy Thys deed het hem voor: maak het type elftal nog voor de definitieve selectie voor Frankrijk bekend  is. En zorg dat deze spelers elke wedstrijd spelen, tenzij de zwaartekrachtgolven de aarde verwoesten of  IS een vuile bom laat ontploffen in Bordeau. Als er toch nog een amokmaker opduikt tijdens het tornooi, stuur deze onmiddellijk naar huis. Eén positie voor een backbencher (in dit geval linksachter of rechtsachter) laat de slimme bondscoach open, als vette maar onschuldige hap ter discussie van pers, ploeg en fans.

Een laatste vraag zijn de spelersvrouwen. Daar kon zelfs Guy Thijs geen gepast antwoord op verzinnen.

 

Kinderpsychologen bij echtscheiding:Tips

Gepost op on 13 mei 2016 in Geen categorie, Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Hoe omgaan met uw kinderen bij een scheiding?

“Sometimes it lasts in love, but sometimes it hurts instead” (Adele)

 

Kinderpsychologen deden de  laatste jaren heel wat onderzoek naar de gevoelens van kinderen tijdens  de echtscheiding van hun ouders.  Hierna volgen een aantal direct te gebruiken  basistips om hen zoveel als mogelijk te beschermen tegen de negatieve gevolgen van een scheiding.

Onoplosbare relatieproblemen

Kinderpsycholoog bij echtscheiding

Vind hier concrete tips bij echtscheiding

Met de beste bedoelingen kiezen ouders ervoor om uit elkaar te gaan. Ze houden zich ondanks de ernstige relatieproblemen voor dat gelukkige gescheiden ouders beter zijn voor het kind dan ongelukkig samenwonenden. Dat is ook in de meeste gevallen  zo.

Maar het loopt niet altijd zoals gepland. De kinderen worden soms de dupe van een echtscheiding.  Midden van openlijk conflict of onderhuidse vijandigheid weet het kind vaak niet meer hoe het voor beide ouders goed kan doen of waar het nog veilig zijn/haar verhaal kwijt kan.

Uw kind verscheurd tussen vader en moeder

Het is een noodzaak voor elk kind om beide ouders graag te zien. Maak dus uw ex niet zwart tegenover uw kind! Het is belangrijk dat u als ouder uw verhaal kwijt kan tijdens of na een scheiding, maar uw kind is niet de geschikte persoon daarvoor.

Zoek steun bij vrienden of bij een eigen psychotherapeut zodat uw  boosheid of verdriet niet over uw kind wordt losgelaten. De slechte kanten van uw ex in het daglicht zetten zorgt er niet voor dat uw kind u liever zal zien, integendeel!

Als uw kind iets vertelt van bij de andere ouder, probeer dan neutraal te luisteren. Gebruik dit niet tegen uw ex, uw kind kan het vertrouwen in u verliezen en geraakt in een onmogelijke en psychisch ongezonde spreidstand tussen beide ouders.

Kinderpsychologie en de wekelijkse verhuis

Kinderen die elke week verhuizen van de ene ouder naar de andere, hebben het daar meestal niet gemakkelijk mee. Ze moeten telkens afscheid nemen en dan weer wennen aan  de andere ouder en diens omgeving.

Daarom  vertonen zij soms ‘moeilijk’ gedrag. Begrijp dat uw ex daarom geen slechte ouder is. De oorzaak van opstandigheid ligt vaker in de wissel dan in slecht ouderschap van de andere ouder.

Voorzie voldoende tijd voor uw kind om zich aan te passen. Het is niet aan te raden om uw kind naar uw ex (of omgekeerd) te brengen kort voor het slapengaan. Algemeen kan gesteld dat hoe jonger het kind, hoe moeilijker langere periodes weg van één ouder (en zeker van de moeder) te overbruggen zijn.

Goede raad van de kindertherapeut

Houd de verhuis van uw kind vooral rustig. Als er moeilijke onderwerpen te bespreken zijn, regel een oudervergadering zonder uw kinderen. Laat uw kind vooral geen getuige zijn van oplopende ruzies. Dit kan schuldgevoelens bij uw kind uitlokken.

Het beste is dat de ouders elkaar tijdens overgang ook echt even (kort) ontmoeten en iets over het verblijf kunnen zeggen. Het doet de kinderen deugd te weten dat hun ouders over hen kunnen blijven spreken. Als dit niet lukt, is een tussenpersoon (bvb familielid dat zich neutraal kan opstellen) of een kindertherapeut soms meer aangewezen.

Als je het liever van een kind zelf verneemt, bekijk dan het filmpje in ons vorig blogbericht.

Ruth Six

Kinderpsycholoog-Kindertherapeut

Psychologenpraktijk JoVo Kruishoutem

Kinderpsycholoog: een jongen vertelt over de vechtscheiding

Gepost op on 2 mei 2016 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Kindertherapie nodig door vechtscheiding?

In dit filmpje toont een jongen op eenvoudige maar aangrijpende wijze hoe kinderen een vechtscheiding beleven en wat ze anders willen. Vaak komen kinderen in onze psychologenpraktijk met dit soort verhalen. Kinderen van ouders die enkel het beste willen voor hun kind maar onbedoeld op het slechtste uitkomen.

Kies voor uw kind door in verstandhouding uiteen te gaan zodat u geen kinderpsycholoog nodig hebt.

Depressie behandeling en behandeling van angst: investeren helpt!

Gepost op on 19 apr 2016 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Behandeling van depressie en angst rendeert.

Geld vrijmaken voor depressie behandeling en angst  rendeert. Een op 13 april gepubliceerde studie in het gerenommeerde tijdschrift “The Lancet Psychiatry” leert dat budget vrijmaken voor behandeling van psychologische problemen van depressie en angst geld opbrengt.

Depressief? Behandeling levert winst op!Het behandelen van depressies en angsten is ook zuiver budgettair een aanrader.

Recente geruchten vanuit het ministerie laten uitschijnen dat het op de tafel liggende voorstel om psychotherapie terug te betalen geannuleerd wordt om budgettaire redenen. Het gepubliceerde artikel in The Lancet spreekt dit tegen. Geld in psychotherapie stoppen zou geld opbrengen.

Kosten in U.S.A. ten gevolge van angst en depressie.

Jaarlijks kosten deze psychologische problemen de Verenigde Staten ongeveer 1 biljoen dollar.  Volgens het WHO investeren regeringen wereldwijd veel te weinig in geestelijke gezondheidszorg. Gemiddeld stopt men 3% van het budget voor medische zorgen in de zorg aan mensen die het psychisch moeilijk hebben.

Honderden miljoenen mensen in de wereld hebben mentale problemen zonder dat ze toegang hebben tot een behandeling. Dat is dus niet alleen een gigantisch probleem van elementaire gezondheidszorg, maar ook van economische en sociale ontwikkeling.

 

Psychische klachten nemen toe, investeren helpt.

Bovendien nemen deze psychische problemen met de dag toe, in alle landen. Klachten als angst en depressie zijn tussen 1990 en 2013 met 50% gestegen.

Een studie in 36 landen gedurende 15 jaar levert spectaculaire resultaten op: een investering van 150 miljard dollar zorgt voor een verhoogde economische activiteit die 400 miljard dollar oplevert en een verbeterde geestelijke gezondheid die zorgt voor 310 miljard return.

 

Actie is nodig.

De Wereldbank en het WHO brachten op 13 en 14 april laatstleden politici, clinici en academici samen om deze kwestie te bespreken. Voorlopers zijn Brazilië, Ethiopië en Zuid-Afrika.

Lees verder hierover in who.int/mediacentre/news/releases/2016/depression-anxiety-treatment/en/

Psychogenocide in psychiatrie

Gepost op on 24 jan 2016 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Is dit een patiënt

Bespreking van Thys, Erik (2015). Psychogenocide. Psychiatrie, kunst en massamoord onder de nazi’s. Berchem:EPO.Isbn 978 94 6267 0471

Genocide op patiënten in psychiatrie Is dit een patiënt

 

Auteur Erik Thys, psychiater en kunstenaar, geeft een eigen naam aan wat tot op heden onderbelicht is gebleven: de massamoord op ongeveer 400.000 psychiatrische patiënten in Duitsland, Polen en Oostenrijk door het Naziregime, voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij noemt dit de Psychogenocide.

Thys veronderstelt dat Hitlers mislukte kunstenaarschap en zijn psychiatrische voorgeschiedenis (zijn eerste dokter noemde hem  ‘een psychopaat met hysterische symptomen’) mee bijdroegen tot  wraakacties op psychiatrische patiënten  en op moderne kunst.

In een lange maar noodzakelijke aanloop beschrijft  de auteur de ontstaansgeschiedenis van de eugenetica, de ideologie die het goede (‘eu’) genetische materiaal van een bevolking wil verbeteren. Deze ideologie was vooreerst aanwezig in de Angelsaksische landen en in Scandinavië. Voorloper van deze ideologie die later deels de vernietigingsmachine van de Nazi’s stuurde, was de  pseudowetenschappelijke connotatie van het – oorspronkelijk biologisch- begrip degeneratie. Daarnaast bepaalde het sociaaldarwinisme (survival of the fittest) in belangrijke mate de eugenetica.

De bedenker van de term ‘eugenetica’, de Brit Galton, neef van Charles Darwin, wou al in 1905 families met een hoge eugenetische score financieel steunen en zwakken laten onderbrengen in tehuizen met een verbod op voortplanting. In de VS werd in 1910 gestart met selectieve sterilisatie.  American Journal of Psychiatry voerde in 1942 een polemiek over het zonder instemming doden van ‘aangeboren gebrekkigen’. Daarbij verwees men naar de uitroeiing van patiënten in Duitsland.

In Duitsland werd in 1903 door psychiater Rüdin (een medewerker van Kraepelin) gepleit voor het steriliseren van chronisch alcoholici. Dit was een eerste begin van de strijd tegen de ‘ontaarden’ (‘gedegenereerden’) en de ‘minderwaardigen’, die pas na WOII eindigde. Vanaf 1920 begint een stigmatisering en ontmenselijking van zieken en gehandicapten.  Dan wordt niet alleen sterilisatie maar ook ‘der vernichtung lebensunwerten Lebens’ openlijk bespreekbaar.

Kort na de machtsovername in 1933 werd de chirurgische sterilisatie verplicht van mensen met o.a. chronisch alcoholisme, bepaalde geestesziekte n, mentale problemen, erfelijke lichamelijke misvormingen, blindheid en doofheid. Duitse psychiaters, pedagogen en kerkelijke verantwoordelijken reageerden nauwelijks. Het Duitse volk was een ‘volkslichaam’ waaruit de zieke stukken dienden weggesneden.

Thys, zelf kunstenaar, beschrijft uitvoerig eenzelfde beweging die Nazi Duitsland maakte vanuit de eugenetica t.a.v. de kunstenaars. Het begrip ‘degeneratie’ en het sociaaldarwinistisch gedachtegoed bepaalden ook de ‘zuivering’ door de Nazi’s van hun kunsten. De kunstwereld werd opgedeeld  in (kitscherige, natuurgetrouwe) ‘Deutsche’ kunst van de gezonde , raszuivere mens en de ‘entartete’ kunst  van modernen als Klee, Mondriaan en Chagall. In deze perfide strategie werden moderne kunstenaars vergeleken met (de gedemoniseerde) psychiatrische patiënten.

Het pleidooi voor een ‘Arische’ kunst maakte deel uit van een algemene poging door de Nazi’s om de eliminatie, ‘endlösung’, van ‘minderwertigen’ verteerbaar te maken bij de bevolking en aldus te komen tot een genetisch ‘zuiver’ Arisch ras. Dit gebeurde o.a. door het stigmatiseren in een medische context te plaatsen en door een werkelijk walgelijk taalgebruik zoals ‘lege menselijke hulzen’, ‘ballastwezens’, ‘nutteloze eters’, ‘parasieten’ enz.  in film,  media en onderwijs.

Het op grote schaal systematisch vermoorden van de psychiatrische patiënten was daarbij de eerste stap. De psychiatrische genocide startte kort na de inval in Polen per 1 september 1939, met de schriftelijke toestemming van Hitler aan de artsen voor de ‘Gnadentod’ van ‘ongeneeslijk zieken’. Eerst werden 5200 kinderen met een fysieke of mentale beperking vermoord, dan werden 200.00 Poolse psychiatrische patiënten uitgemoord, dan volgde de vergassing van 73.000 Duitse psychiatrische patiënten. Tot slot werden 15 à  20.000 ‘nutteloze’ gevangenen omgebracht. Na deze vanuit Berlijn meticuleus gecoördineerde moordpartijen volgde tot 1945 een ‘wilde’, gedecentraliseerde moord op ongeveer 200.000 psychiatrische patiënten door vergiftiging, verwaarlozing en uithongering.

Thys wijst erop dat de uitroeiing van de psychiatrische patiënten een sinistere prelude was op de  daarop volgende Holocaust. En dit op twee cruciale punten. Met de Psychogenocide werd de expertise en organisatie ontwikkeld, het personeel gekozen dat daarna zou gebruikt worden voor de Endlösung. En ten tweede werd vanuit het pseudowetenschappelijk eugenetisch paradigma en de psychiatrie de medische wereld de belangrijkste actor in dit proces van massavernietiging. De psychiaters, die de expertise leverden en voor de concrete uitvoering zorgden van de moord op de (in instellingen geconcentreerde) psychiatrische patiënten, werden later sterk betrokken partij bij de eerste massamoorden in de concentratiekampen.  Nog schokkender is de vaststelling dat de wilde ‘euthanasie’ van psychiatrische patiënten binnen hun instellingen en volgend op de systematische centraal georganiseerde moordpartijen, gebeurde op eigen initiatief van de artsen. Thys wijst daarbij op de bijzondere band die er bestond tussen de geneeskunde en de Nazi-ideologie. En de band die bestond tussen het uitmoorden en het medisch handelen. Bijvoorbeeld: voor de sterilisatie werden medische tribunalen opgericht, de beruchte rassenwetten waren wetten voor de volksgezondheid, patiënten werden veroordeeld tot sterilisatie of vergassing op basis van een medische diagnose en een selectie door artsen. De Duitse artsen vormden met voorsprong de in verhouding grootst aanwezige beroepsgroep in de naziorganisatie en de SS. ‘’De massamoord had over de hele lijn een medisch aura, met academici aan de top en (…) artsen op de werkvloer” (p.229).

Dit boek is niet enkel een zoveelste confrontatie met de meest gruwelijke periode uit de geschiedenis van de mens. Voortdurend duiken er ook verbanden op met hedendaagse kwesties. Zoals bijvoorbeeld het taalgebruik door de overheid (‘illegalen’), de vluchtelingen als economische last, biogenetica, euthanasie bij psychiatrische patiënten, het geval Vandereycken dat we nooit hebben geweten. Op het einde van het boek stelt Thys een aantal van deze kwesties apart in het daglicht.

Dit is een ijzingwekkend, werkelijk verbijsterend maar uitermate belangrijk boek dat iedereen moet gelezen hebben, in het bijzonder zij die zich ten dienste stellen van onze kwetsbare mensen.

 

 

Psycholoog nodig bij Rode Duivels?

Gepost op on 25 jun 2014 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Rode Duivels hebben geen psycholoog

De heftige reactie van Romelu Lukaku na zijn vervanging tijdens België-Rusland zorgde voor een interessant debat in Diabo over het nut van een sportpsycholoog.

Volgens Philippe Collin hebben de Rode Duivels al twee psychologen ‘van hoog niveau’, namelijk de bondscoach en de kinesist. Dat psychologen sinds enkele decennia beschikken over een vijfjarige universitaire opleiding van Master is hem blijkbaar ontgaan. En dat  psychologen, waaronder de sportpsychologen, vaak een bijkomende opleiding postgraduaat volgen ook. De bal is rond, de match duurt 90 minuten, op het eind winnen de Duitsers, en de coach hangt de psycholoog uit. Toch wel een vreemde opvatting van onze voetbalbons, en dit in tijden  van professionele merchandising en medische begeleiding die top is in de wereld.

Ook bondscoach Marc Wilmots zei geen sportpsycholoog in zijn staf te willen, in tegenstelling tot een aantal van zijn collega’s in Brazilië. Nochtans lijken zijn  spelers hem op de grasmat bij deze ongelijk te geven. De Rode Duivels speelden verkrampt, gebukt onder de loodzware druk van alle verwachtingen die de voetbalbond al twee jaar zelf creëert. Invallers Origi en Mertens gingen vol voor hun kansen- niks te verliezen- en slaagden er even in om  de schwung in de ploeg te brengen. Het zijn nu net deze voetballers (Januzai is er zo ook één, dat zien we hopelijk straks), die de meest onbevangen, complexloze spelers zijn. Een goeie bank noemt men dat.  Of een slechte basisopstelling.

In Diabo leek Jan – dom is ook lekker- Mulder zich klaar te maken om te scoren met een partijtje psycholoog-bashing. Maar trainer en oud-Rode Duivel Lorenzo Staelens ontfutselde hem die bal door over zijn eigen goede ervaringen met zijn teampsycholoog te praten.

Opmerkelijk is dat in het daaropvolgend debat niet alleen gesproken werd over de klassieke taken van een voetbalpsycholoog (superviseren van de trainer, de communicatie bevorderen binnen de ploeg, crisissituaties oplossen enzovoort) maar dat  ook het nut van de psycholoog als psychotherapeut werd benadrukt in Diabo. Waarbij  spelers kunnen praten met de psycholoog over bijvoorbeeld hun familie of eigen verleden zonder dat de coach of hun ploeg de inhoud van dit gesprek kent. Met andere woorden: trainer Staelens maakte daar een opening naar de rol van een klinisch psycholoog-psychotherapeut in een voetbalclub.

Iets dat we enkel kunnen aanmoedigen. Wie weet geraakt Suarez zo nog van zijn bijten af.

Terugbetaling Psychotherapie

Gepost op on 23 mei 2014 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Terugbetaling klinisch psycholoog in zicht

Zopas verscheen in het staatsblad de wet op de erkenning van de klinisch psycholoog en klinisch orthopedagoog. Zij zullen autonoom werken, dit wil zeggen onafhankelijk van  voorschriften door een arts.Psycholoog terugbetaald

Daarnaast wordt ook de titel van psychotherapeut en van de psychotherapie erkend.

Dit is de tweede wet in korte tijd na de publicatie van de deontologische code voor psychologen.

Dit is bijzonder belangrijk voor mensen in psychisch nood: vanaf 1 september 2016 zal elkeen die zich psychotherapeut noemt daarvoor gekwalificeerd zijn. Gedaan dus met  charlatans, roedewichelaars, kaartenleggers of masseurs die zich straffeloos ‘psychotherapeut’ kunnen noemen.

Bovendien opent dit de weg naar een terugbetaling van de psychotherapie, waardoor  de zelfstandig gevestigde psychotherapeuten ook betaalbaar worden voor mensen met weinig middelen.

De wet kan men nalezen  op bit.ly/1ibSmZR

Psycholoog krijgt deontologische code.

Gepost op on 20 mei 2014 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Psycholoog krijgt code

Vanaf 26 mei aanstaande bestaat er een deontologische code voor psychologen. Deze verscheen zopas in het staatsblad op 16 mei. Ondertussen hangt de code al in onze wachtkamer.

Psychologische code

Deontologische Code Psycholoog

Een hele geruststelling ook voor al wie met zijn psychologische problemen of met die van zijn kinderen professionele hulp zoekt bij een psycholoog.

De deontologische code omschrijft uitvoerig de regels van het beroepsgeheim en de algemene principes waaraan een psycholoog zich dient te houden. Zoals verantwoordelijkheid, competentie en integriteit.

Een hele stap voorwaarts naar een volwaardige beroepsuitvoering van de (klinisch) psycholoog.

De volgende stap bestaat in het in voege treden van de erkenning van de klinisch psycholoog en psychotherapeut op 1 januari 2016.

De volledige deontologische code kunt u nalezen op compsy.be/deontologie/code?lang=nl

Psycholoog Vanheule schrijft een boek over psychose

Gepost op on 26 sep 2013 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Psycholoog over psychose

Psychotherapie bij psycholoog

Professor Stijn Van Heule publiceerde zopas zijn nieuwste boek ‘Psychose anders bekeken’.

De psycholoog van Universiteit Gent beschrijft daarin Lacan zijn visie op psychose doorheen diens oeuvre.

Van Heule spitst zich daarbij toe op de psychotische ervaring op zich alsook op handvatten voor de behandeling ervan.

Naast het neurobiologisch onderzoek primeert voor hem de subjectiviteit van de psychoticus.

Van Heule beschrijft Lacan zijn denken over de psychose en de therapie ervan gedurende vier periodes.

Ref.: ‘Psychose anders bekeken – over het werk van Jacques Lacan’

door  SGVHEULE

Kung-Fu Panda of de ADD symptomen

Gepost op on 22 apr 2013 in Recente Blog artikelen | Geen commentaar

Aan het eind van het beslissende gevecht in de bekende animatiefilm Kung Fu Panda grijpt de moedige Panda de vuist van de gevreesde poema. Wanneer hij zijn pink opsteekt schrikt de onklopbare Poema:”Waar leerde je dat?”, vraagt de poema. “Ik leerde dit niet, plots wist ik het”, glimlacht Panda terug. Waarna de panda zijn pink laat dalen en Poema definitief verdwijnt in een gigantische ontploffing, gevolgd door een paddenstoelwolk.

Meestal verdwijnen mijn ADD patiënten niet in een atoomwolk na de diagnosestelling. Maar op een dag wist ik, even onverwacht als de pink van de panda. Het lukte plots om de uiteenlopende ADD symptomen als één geheel te zien bij een patiënt.Symptomen ADD Tot mijn grote verwondering had ik dat pas laat door in deze psychotherapie. En in mijn loopbaan. Dat gebeurde pas na behoorlijk wat opleiding en meer dan twintig jaar ervaring, zowel in een psychiatrisch ziekenhuis als in mijn eigen Praktijk. Mijn verwondering werd nog groter.

Wat is ADD: een ongekend probleem?

Ik merkte dat de meeste van de patiënten waarbij ik ADD symptomen vaststelde vaak al enkele psychologen en psychiaters achter de kiezen hadden. Vreemd. Bovendien bleek dat ook mijn collega’s (supervisor inbegrepen) zelden of niet deze ADD kenmerken als één syndroom zien. Nochtans vertonen patiënten met deze ADD kenmerken een behoorlijk deel van mijn cliënteel.

Wat is de verklaring voor dit fenomeen? Ongetwijfeld heeft het te maken met het terechte wantrouwen voor de cynische, bedrieglijke praktijken van Big Pharma: de farmaceutische industrie die zich steeds verder infiltreert in het wetenschappelijk onderzoek. Waardoor ADHD bij kinderen te vaak gediagnosticeerd wordt en geneesmiddelen als Rilatine veel te vaak voorgeschreven worden. Bij ADD bij volwassenen lijkt misschien het omgekeerde te gebeuren.

Zijn ADD symptomen moeilijk te diagnosticeren?

Het is inderdaad geen gemakkelijke diagnose: ADD volwassenen vertonen vaak één bepaalde klacht die meer uitgesproken is dan de andere. Sommigen patiënten zijn vooral depressief, anderen overwegend angstig, nog anderen hebben de bekendere vergeetachtigheid of het uitstelgedrag. Men stelt dan op basis van deze éne, meer geprononceerde klacht een (verkeerde) diagnose van bijvoorbeeld concentratieproblemen, depressie, angststoornis, Chronisch Vermoeidheid Syndroom (CVS) of burnout.

Zo had ik een patiënte die zodanig vermoeid was dat zij nauwelijks de zetel uit, de trap op geraakte. Een psychiater behandelde deze patiënte al jaren -zonder effect- met antidepressiva. Een ander patiënt vertoonde alle klachten van wat men vaak een borderline syndroom noemt: suïcidaal, automutilerend, herhaaldelijke opnames in psychiatrie met ontslag tegen advies, middelenmisbruik, promiscuïteit, job hopping, slaap -en eetproblemen. Tevergeefs kreeg die patiënt jarenlang antidepressiva, neuroleptica en tranquillizers voorgeschreven.Toch bleek het om ADD te gaan en verdwenen de ADD symptomen nog de eerste week door de medicatie. Nog een ander vertoonde ernstige depressieve klachten.

En zo kan ik nog even doorgaan. Waarom concludeer ik dat deze mensen lijden aan de (rest?-) diagnose ADD volwassenen?

Symptomen ADD: meer dan een concentratieprobleem

Omdat zij allen een geheel van dezelfde klachten vertonen, waarvan sommige meer uitgesproken zijn dan andere. Vergeetachtigheid, verstrooidheid en concentratiestoornissen zijn bekend. Minder bekend zijn hun depressieve episodes, vermoeidheid, welbepaalde sociale angst, gevoelens van verveling en zinloosheid, slechte organisatie en planning, uitstelgedrag, voortdurend piekeren.
Bovendien hebben antidepressiva geen effect op de depressieve klachten bij symptomen ADD, behalve bupropion (bv.Wellbutrin). Spectaculaire effecten bij ADD behandeling worden er evenwel verkregen met methylfenidaat (bv. Rilatine).

Al volgt na de diagnose geen ontploffing zoals in Kung Fu Panda, toch is het voor de meeste mensen met ADD kenmerken een ‘giant step’ om uiteindelijk zichzelf met de gewone moeilijkheden en mogelijkheden van het leven te begrijpen.


Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *